Column Daria

Knuffeliepuffelie

Mijn hoofd en lichaam weten dat het zo het beste is, maar gevoelsmatig is het lastig. Mijn lieve zoontje Daan (2,5 jaar) is bij zijn papa in België, terwijl ik voor het moment bij mijn ouders in Nederland woon. Door mijn ziekte kon ik de drukte thuis niet meer aan. Zelfs het ’s ochtends klaarmaken van Daan om naar school te gaan (in België is dat al vanaf 2,5), lukte me nog nauwelijks door de pijn en uitputting.

Ik ben natuurlijk niet helemaal weg. We hebben dagelijks telefonisch contact en ik probeer ook regelmatig langs te gaan. Maar toch… ik mis Daan zo, zijn geur, zijn verhaaltjes, onze liedjes. Samen ‘knuffeliepuffelie’, dat is ons eigen taaltje voor knuffelen. En ik voel me best wel schuldig. Ik wil er zo graag voor hem zijn als hij uit school komt en vragen hoe zijn dag was, want voor het eerst naar school gaan maakt een grote indruk op hem. Ik wil samen met hem spelen, naar de speeltuin. Hem in badje doen. Terwijl ik dit schrijf rollen de tranen over mijn wangen.

Op emotioneel vlak ben ik gezegend met goede hulpverlening. Ik heb een psycholoog door wie ik me begrepen voel. Zij helpt me dingen vanuit een andere perspectief te bekijken, dat ik ook een goede moeder ben door even minder aanwezig te zijn. En ze laat me weten dat dit verdriet en schuldgevoel er mogen zijn. Van haar heb ik de wijsheid ‘schuldig voelen is iets anders dan schuldig zijn’ meegekregen. Onlangs ben ik naar een psychiater geweest, ook zij was erg steunend. Ik benoemde mijn schuldgevoel naar Daan en ze stelde voor een koffertje voor hem te maken met leuke spulletjes en een brief voor hem voor later waarin ik uitleg waarom mama wat vaker weg is.

Hoeveel pijn het ook doet en hoe onnatuurlijk deze situatie ook voelt, toch ben ik opgelucht dat de mogelijkheid er is dat ik even wat meer rust en zorg heb. Ik ben mijn man dankbaar dat hij de dagelijkse zorg voor ons zoontje op zich neemt. En dat hij de situatie begrijpt, want ook voor hem is dit een aanpassing en niet altijd gemakkelijk. Verder zijn er babysits, lieve oma’s en vriendinnen die helpen Daan te verzorgen, qua liefde en aandacht komt hij gelukkig niks tekort.

Okee, ik ben erg verdrietig, en dat mag. Maar zoals mijn man de laatste tijd regelmatig zegt: ‘focus je op wat nog wél gaat’. En daar heeft hij een punt. Over een week zie ik mijn zoon en man weer en daar kijk ik nu al naar uit, ondertussen knutsel ik een koffertje voor hem voor later. Ik ben misschien niet de energieke moeder voor hem die ik graag had willen zijn, maar ik ben zijn moeder en ik zal er voor hem zijn op de manier die me wél lukt. En stiekem weet ik eigenlijk wel dat ik ondanks alles een hele lieve mama ben.

Column Daria – Puzzelstukjes

Een eerste blog. Ik had er wilde plannen en ideeën over. Ik wilde vooral heel positief zijn en me richten op de dingen die nog wel lukken en zo ook anderen motiveren. De afgelopen tijd had ik al zoveel negativiteit gelezen op internet, dat ik dacht, daar moet verandering in komen. Maar ik moet eerlijk bekennen, ik weet momenteel zelf even niet meer waar het noorden te vinden..

Ik heb de afgelopen weken veel tegenslagen en stress te verwerken gehad en mijn klachten van pijn, uitputting en overprikkeling zijn in een korte tijd serieus toegenomen. De zoektocht naar gepaste hulp en de doktersbezoeken hebben er ingehakt. De uitputtende reisjes naar het ziekenhuis, de onderzoeken, steeds weer mijn verhaal doen en dan ook nog de boodschap dat ik te zwak ben om deel te nemen aan een CVS-programma. Ik werd steeds moedelozer. Dit in combinatie met de situatie thuis waar ik zelfs de kleinste huishoudelijke taken niet of nauwelijks nog kon uitvoeren, waar de relationele stress opliep en het pijnlijkst: waar ik merkte dat ik zelfs mijn lieve zoontje naar school brengen al te zwaar voor me was. Het ging gewoon niet meer.

Dus, daarom de keuze: er is een time-out nodig. Na een onhandige omweg van een zorghotel dat niet geschikt voor mij bleek te zijn zit ik momenteel even een tijdje bij mijn ouders. Om zogezegd wat ‘tot rust te komen’. Mijn man zorgt thuis in België voor ons zoontje en ik lig hier nu in de zetel bij mijn lieve ouders, weer terug in Nederland.

Ten volle toegeven dat het écht niet meer gaat, dat dit lichaam op is, dat ik het thuis niet meer aankan, geeft ook eindelijk een beetje een gevoel van ‘rust’. De strijd naar goede hulp, naar hét geneesmiddel. Het hoeft even niet meer. Deze gladiator heeft de arena verlaten.

Ik laat me hier verzorgen. Het lekkere eten van mijn moeder. Mijn ouders die beiden op pensioen zijn en mij in volle warmte verwelkomen, het is vertederend. Doordat ik hier geen verplichtingen heb, kan ik veel beter naar de noden van mijn lichaam luisteren. Ik lig het grootste gedeelte van de dag op de bank. Maar wissel ook af, met zitten, een korte wandeling, een boek of de krant lezen, kort op internet, deze blog schrijven. En af en toe puzzel ik een beetje. Samen met mijn vader ben ik naar de kringloopwinkel gegaan en we kwamen thuis met een tijger van 1000 stukjes. Puzzelen, iets wat ik in mijn volwassen leven niet meer gedaan heb. Wie had dat verwacht? En ik moet zeggen, het helpt me wel, elke keer weer een paar stukjes leggen. En mij niet alleen, ook mijn ouders zijn in de ban van de tijger die hier aan de eettafel steeds meer gestalte krijgt. Ik moet bekennen, het is bevrijdend hoe ik tussen het afzien en piekeren door ook momenten op kan gaan in de kleine puzzelstukjes en hun plaats in het geheel.

Hopelijk zullen de puzzelstukjes van mijn eigen leven ook meer hun plek vinden, al is het maar een klein beetje. Stukje per stukje. Ik hoop het zo..